Taalsmaak Over letters die lonken.....

Op de drempel

Dec 31

Zij aan zij overkeken ze wat peinzend hun landerijen. In dit specifieke geval : de tuin.

Overigens viel daar naar verhouding nogal weinig te zien, want nog steeds wit. En dat gaat op den duur ook vervelen natuurlijk.

Geen vogeltje te zien in het voederhuisje, de kippen zaten wat kouwelijk ineen gedoken en er scharrelde zelfs geen muisje rondom het gaas. Kortom, een saaie boel als je jachthond bent.
Dus ze werden wat melancholiek met z’n tweeen zullen we maar zeggen.

Hond van stand H.B. zat licht te trillen. Iets te veel vuurwerk geknal al naar z’n zin en de avond moest zelfs nog beginnen.
Julius keerde loom z’n hoofd naar me toe en ik meende een diepzinnige blik te bespeuren boven z’n woeste baard.

“Wat heb je op je hart, Julius?”, vroeg ik.
“Ik overdenk het afgelopen jaar”, zei Julius plechtig.
“En was ’t een mooi jaar?”, vroeg ik.
Hij fronste zijn borstelige wenkbrauwen.
“Ja en nee”, zei Julius.
“Ow…”
“Ik heb heerlijk gewandeld dit jaar en erg lekker gegeten”, zei Julius.
“Wat was er dan niet zo leuk?”, vroeg ik, een beetje benauwd rondom m’n hart.
“Ik had graag wat meer los gelopen”, zei Julius.
“Dat ligt wat lastig, dat weet je”, zei ik.
“Zeker door dat jagen op die schapen langs de dijk?”, vroeg Julius, zijn blik terneergeslagen.
“Je bent toch geen herdershond, lieverd”, zei ik.
“Nee, een teckel natuurlijk!”, zei hij, weer fier rechtop.
“Maar…gaan we dan misschien in 't nieuwe jaar weer wat vaker naar het bos?”, vroeg Julius hoopvol.
“Daar zitten konijnen, dat past beter bij een teckel”, vervolgde hij.
“Dan gaan we volgend jaar meer naar ’t bos, goed?”, zei ik.
Julius was even stil.
Toen draaide hij zich naar me toe.
“In 2010 zaten we wel wat vaker in de bench”, zei Julius zacht.
Mijn moederhart sloeg een slagje over.
“We hadden ’t druk”, zei ik, net zo zachtjes, “maar dat mag natuurlijk geen excuus zijn!”
Hond van stand H.B. deed instemmend iets mee met zijn hoofd.
“Volgend jaar doen we ’t anders!!”, zei ik ferm, “We gaan vaker op pad!”
Want deze hele week vrij was me sowieso toch al goed bevallen.
“En dan ga ik weer vaker gekke dingen doen”, zei Julius meteen opgelucht.
“Zoals pantoffels uit de gang halen en verstoppen en zo!”, voegde hij er vrolijk aan toe.
“Niet meteen gaan overdrijven hè”, zei ik gekscherend.

Opgelucht kroelde ik Julius achter z’n oren. Houdt ‘ie van.
“Mogen we al een oliebol?”, vroeg H.B.

[afbeelding dankzij virginhoney op flickr]

Witte wereld

Dec 27

Zojuist wist meneer Krol me te vertellen dat de winter meteorologisch gezien nog lang niet is afgelopen.

Alsof ik niet allang wist dat lente pas op 21 maart begint. Alsof ik zelf nog niet had bedacht dat het nog bijna drie maanden lang winter zal zijn.

En dus ook nog drie maanden lang kans op dat ijskoude witte spul daarbuiten.

Terwijl ik toch ook de schoonheid van sneeuw kan zien, heus.
Op de momenten dan dat ik niet voor de zoveelste keer mijn autoruiten sta te krabben, mijn losgelaten tenen weer bij elkaar zoek in mijn laarzen of een teckel sta uit te graven.

Want dat vind ik namelijk het nadeel aan sneeuw.
Je kunt niet zomaar op pad. Sneeuw vergt nogal wat precisie in je planning. En laat dat nou niet altijd mijn sterkste kant zijn.

Sta je buiten met twee aangelijnde honden die hoognodig moeten en op het moment dat je de eerste stap in de sneeuw zet, weet je : “Shit…verkeerde schoenen.” Vervolgens loop je de rest van de wandeling een beetje genant te schuifelen en al foeterend twee enthousiaste honden te temperen in de hoop dat je geen schuiver maakt.

De mooiste sneeuwmomenten zijn eigenlijk als je niet hoeft te werken. Want dan hoef je namelijk niet ineens een hele planning te maken. Dan hoef je bijvoorbeeld niet ’s ochtends vroeg in alle duisternis bewegende bergen sneeuw te onderzoeken op vermiste, dan wel gestrande teckels. Of eerder op te staan omdat het zo’n eeuwigheid duurt voordat je al die klonten sneeuw van die korte pootjes geplukt hebt.

Sneeuw is mooi hoor, maar nog drie maanden ?!
Meneer Krol, mag alstublieft de zon weer aan ?

De Kerstgedachte in het digitale tijdperk

Dec 17

Stel nou dat Josef en Maria in deze tijd hadden geleefd.........

Briljant.

Hoe de dorst gelest werd

Dec 13

Gisteren was het weer een heuglijke dag voor de rasechte Bourgondiërs onder ons.

Het Vriendje heeft namelijk ooit van collega’s een bierobligatie cadeau gekregen. 
In ere houden zeg ik, dat soort collega's.

En het mooie van deze obligatie is, dat ze de rente ervan in natura uitbetalen. In bier welteverstaan.

En wat voor bier !
Want, oh wat jammer is het, als je bij zo’n uitje de BOB bent.
En dat lot was ondergetekende te beurt gevallen.

In dit geval wel zo eerlijk, want het Vriendje had de obligatie cadeau gekregen en is van ons tweeën eigenlijk ook de grootste bierliefhebber.
De uitbetaling vond net als vorig jaar plaats op de eigen locatie van Museumbrouwerij de Roos in Hilvarenbeek.

Aan Bourgondiërs geen gebrek daar gisteren op die gezellige zolder.
Aan speciaalbieren trouwens ook niet, want de verschillende tapkranen stroomden rijkelijk met het goudkleurige vocht.

Er was muziek die precies bij de sfeer paste en er kwamen lekkere hapjes rond. In een uitzonderlijk geval zelfs één dampende kom snert, waar we de gastheer – in dit geval een collega van het Vriendje – meer dan erkentelijk voor waren.

Te horen aan het aantal uitgegeven obligaties draait de brouwerij trouwens verdienstelijk, dus derhalve zijn we meteen maar een lobby begonnen om Hilvarenbeek van een fatsoenlijk NS-station te voorzien.

Want in dat geval is de weg naar huis namelijk gewoon één lange rechte weg, waarbij je zelf niet eens hoeft te sturen. Stel dát je dan eens een keer al dan niet bewust beschonken zou willen worden.

Het scherp van de snede

Dec 09

Eigenlijk moet ik hoognodig naar de kapper.
De bad hair days stapelen zich op en de vrieskou maakt er ook al niet beter op.

Feitelijk kan ik zeggen dat ik gewoon mijn krullen terug wil en dus moet de schaar erin. Fris, vrolijk en springerig moet het weer worden.

Ik ben er echter een ster in om smoezen te bedenken om zo’n bezoekje aan de kapper uit te stellen.

Ten eerste : te druk.
Ik vind dat zelf altijd best een gangbaar argument. Zeggen dat je het te druk hebt, is namelijk altijd erg makkelijk. Behoeft weinig uitleg aan anderen ook, want het is herkenbaar.
Maar eigenlijk is het natuurlijk gewoon uitstelgedrag.

Dat komt namelijk : ik ga altijd met een tweeslachtig gevoel op pad richting de kapper. Er is bijvoorbeeld die eeuwige angst dat ze het te kort knippen.

Ik heb weleens geprobeerd op dringende toon te zeggen :
“Niet te kort hè?!”
“Nee hoor, alleen de puntjes”, is dan meestal het standaard antwoord.

En tóch gebeurt het dan dat je daarna vertwijfeld tussen rondvliegende plukken haar zit, die het formaat puntje zelfs niet benaderen.

Verder lukt het me ook zelden om helemaal genieten van de ontspannende wasbeurt inclusief hoofdhuidmassage. Je ligt met je nek geknakt over die harde koude rand van de wasbak en juist als je loom begint te worden van de warme waterstralen, zwaait het kappersmeisje de fles shampoo hinderlijk voor je neus heen en weer om je deelgenoot te maken van het spul dat ze zojuist in je haar gesmeerd heeft.

Meestal duurt het ook een paar dagen voordat je haar weer zit zoals je het graag wilt hebben. Nee, een onverdeeld genoegen vind ik het dus niet, zo’n kappersbezoekje.

Pluspunt is dan weer wel dat je na een bezoekje aan de kapper weer helemaal op de hoogte bent van het wel en wee in het leven van het kappersmeisje. Dat dan weer wel.

Taal is van ons allemaal. Om nog maar te zwijgen van ieder's eigen smaak en voorkeur wat taal betreft.

Wat maakt je een taalpurist ? Of puritein ?

Overal om ons heen zijn kleine taalgebeurtenissen. Het is vaak plezierig om die te signaleren. Erover schrijven is nóg veel leuker.

Andere kleine dingen die tussendoor gebeuren kunnen dan best fungeren als de spreekwoordelijke krenten in mijn pap.

Archief