Op de drempel
Zij aan zij overkeken ze wat peinzend hun landerijen. In dit specifieke geval : de tuin.
Overigens viel daar naar verhouding nogal weinig te zien, want nog steeds wit. En dat gaat op den duur ook vervelen natuurlijk.
Geen vogeltje te zien in het voederhuisje, de kippen zaten wat kouwelijk ineen gedoken en er scharrelde zelfs geen muisje rondom het gaas. Kortom, een saaie boel als je jachthond bent.
Dus ze werden wat melancholiek met z’n tweeen zullen we maar zeggen.
Hond van stand H.B. zat licht te trillen. Iets te veel vuurwerk geknal al naar z’n zin en de avond moest zelfs nog beginnen.
Julius keerde loom z’n hoofd naar me toe en ik meende een diepzinnige blik te bespeuren boven z’n woeste baard.
“Wat heb je op je hart, Julius?”, vroeg ik.
“Ik overdenk het afgelopen jaar”, zei Julius plechtig.
“En was ’t een mooi jaar?”, vroeg ik.
Hij fronste zijn borstelige wenkbrauwen.
“Ja en nee”, zei Julius.
“Ow…”
“Ik heb heerlijk gewandeld dit jaar en erg lekker gegeten”, zei Julius.
“Wat was er dan niet zo leuk?”, vroeg ik, een beetje benauwd rondom m’n hart.
“Ik had graag wat meer los gelopen”, zei Julius.
“Dat ligt wat lastig, dat weet je”, zei ik.
“Zeker door dat jagen op die schapen langs de dijk?”, vroeg Julius, zijn blik terneergeslagen.
“Je bent toch geen herdershond, lieverd”, zei ik.
“Nee, een teckel natuurlijk!”, zei hij, weer fier rechtop.
“Maar…gaan we dan misschien in 't nieuwe jaar weer wat vaker naar het bos?”, vroeg Julius hoopvol.
“Daar zitten konijnen, dat past beter bij een teckel”, vervolgde hij.
“Dan gaan we volgend jaar meer naar ’t bos, goed?”, zei ik.
Julius was even stil.
Toen draaide hij zich naar me toe.
“In 2010 zaten we wel wat vaker in de bench”, zei Julius zacht.
Mijn moederhart sloeg een slagje over.
“We hadden ’t druk”, zei ik, net zo zachtjes, “maar dat mag natuurlijk geen excuus zijn!”
Hond van stand H.B. deed instemmend iets mee met zijn hoofd.
“Volgend jaar doen we ’t anders!!”, zei ik ferm, “We gaan vaker op pad!”
Want deze hele week vrij was me sowieso toch al goed bevallen.
“En dan ga ik weer vaker gekke dingen doen”, zei Julius meteen opgelucht.
“Zoals pantoffels uit de gang halen en verstoppen en zo!”, voegde hij er vrolijk aan toe.
“Niet meteen gaan overdrijven hè”, zei ik gekscherend.
Opgelucht kroelde ik Julius achter z’n oren. Houdt ‘ie van.
“Mogen we al een oliebol?”, vroeg H.B.
[afbeelding dankzij virginhoney op flickr]
Geen reacties