Taalsmaak Over letters die lonken.....

Weerzien met een oude vriend

Aug 15

De serveerster had ons een tafeltje aan het raam toegewezen en we zaten nog gezellig na te tafelen. Vlak onder het raam lag in de late, gouden avondzon onze eigen vijver (dat kan blijkbaar; dat ze zo’n ding gewoon verhuizen).

Onze disgenoten had kennelijk geen notie van de lokale fauna, want het Vriendje zat uitvoerig de anatomie van een kikker te beschrijven en te gebaren naar de vijver, waar inderdaad iets in beweging kwam tussen de waterplanten.

Dat wat oprees uit het water leek me echter nogal aan de forse kant voor een kikker. De kolos in het water schudde het drassige groen van zich af en vanonder het kroos kwam een natte, gestreepte vacht tevoorschijn. Het Vriendje stootte me aan en ik slaakte een kreet van herkenning.

We klopten op het raam en de tijger onderbrak zijn gespetter in onze kikkerpoel. Zijn vriendelijke tijgergezicht klaarde nog meer op toen hij ons herkende. Hij hees zijn omvangrijke gestalte het bad uit en op zijn achterpoten (ik zeg je : je referentiekader raakt totaal verknipt door toedoen van Winnie the Pooh en consorten), begaf hij zich op weg naar de ingang van het restaurant.



Zijn entree veroorzaakte enige consternatie onder het tafelende publiek. Hij liep rechtstreeks naar ons tafeltje, zonder aandacht te schenken aan de paniekerige vlucht van de serveerster. Verheugd als we waren met het onverwachte weerzien van deze oude vriend (moeiteloos doe ik dat : beste vriendjes zijn met een tijger), stonden we op om hem te begroeten en verdwenen bijna in zijn stevige tijgeromhelzing. Zijn gestreepte vacht was alweer helemaal kurkdroog en kriebelig.

Toen, vlak voordat de wekker afging, overhandigde het vriendelijke dier me met een gracieus gebaar een theezakje.

Na de voorgaande dierlijke ontmoetingen, die zich merendeels in het strijdtoneel afspeelden, was dit een aangename, zij het wat merkwaardige afwisseling. De hele ochtend al zit ik hier op het Kantoor te dubben, maar zelfs Google weet geen raad met droomduidingen van zoiets als tijger vs. theezakje.

Ik denk dat ik me maar neerleg bij wederom een Onverklaarbaar Mysterie en gewoon weer aan het werk ga.

La douce France

Jul 24



Vakantievreugd

Jul 23

We gingen op vakantie en we namen mee : vier pubers.
Want de aanhang wilde namelijk graag ook mee.
We hadden ze gewaarschuwd voor het gevaar van het benutten van de driezitsbank achterin met z'n vieren, maar de reis verliep wonderwel.

Ik had wel zin in een reisje.
Zo'n welverdiend verlof zullen we maar zeggen. Ik heb verzuimd om te checken of de Baas van het Kantoor die mening deelt, maar omdat mijn vakantiegeld al deel uitmaakte van mijn laatste loonstrook ben ik daar gemakshalve maar vanuit gegaan.

La douce France zou het gaan worden.
Een week naar de Westkust en een week naar de Dordogne.

De eerste week stond er een straffe zeewind, maar de temperatuur was erg prima. Een luie stoel, een goed boek en een Pastis en je hoort mij niet klagen in ieder geval.
Het strand lag op de beloofde 600 meter. Alleen had de reisgidsschrijver verzuimd te vermelden dat hemelsbreed niet hetzelfde is als water van het formaat fikse slotgracht waar je omheen moet lopen, omdat die malle Fransen de brug opgedoekt hebben. Het werd echter al met al een prima weekje zo in de zon.

Ik kreeg zelfs nog last van spontane gezonde bevliegingen, want samen met het Vriendje ook nog hardgelopen langs het strand. In het kader van de sportieve kantoorprestaties kon ik het natuurlijk niet nalaten om dat even aan mijn werkende collega's te laten weten. Zodat ze eraan herinnerd blijven dat er ook een tijd bestaat van niet werken. Verheugd als ze immer zijn met een berichtje van vakantievierende collega.

De reis naar de Dordogne begon wat druilerig. De tweede logeerplek bleek te liggen temidden van prachtig en paradijslijk groen. Ergens hoorde ik toen in mijn brein wel iets rinkelen, maar zijnde in de vakantiestemming : ik drukte gewoon op snooze. Fout. Tien tegen één namelijk dat tijdens vakanties in den vreemde 'groen' gewoon betekent :  'nat'. En erg nat it was indeed.

We hadden het erg gezellig en ook nog eens comfortabele logeerplek aan het meer, maar zolang de hemelsluizen open staan, doe je niet veel meer dan eromheen lopen. Zwemmen lokt dan niet zo eigenlijk.
Toen bleek dat die heerlijke Franse markten ook rap hun charme verliezen als je contant van kraam naar kraam moet rennen, om vervolgens te staan druppen boven een streng welriekende doch kunstig gevlochten streng knoflook, dan wordt het thuisfront opeens erg aantrekkelijk.

En toen dacht ik opeens aan Julius en H.B.
Die hadden natuurlijk hun eigen vakantieadres. Niet bij ons, want hond van stand H.B. vindt een stacaravan ver beneden zijn niveau, zelfs al heeft het ding 3 slaapkamers.
Nee, de heren hebben hun eigen logeeradres met een heuse honden-relaxbank. Ik verdenk H.B. er serieus van dat hij dat eigenhandig achter onze rug om geregeld heeft.

Enniewee, ik kreeg zin in de thuisreis.
So home it is. Formidable.

Och wee, de weemoed...

Jun 01

De oudste van het Vriendje heeft eindexamen gedaan.
Daar wordt een mens wel een beetje weemoedig van.
Voornamelijk omdat het dan een eeuwigheid geleden lijkt dat je zelf eindexamen deed. 

Ondanks het feit dat er toch enigszins gespannen gewacht wordt op de examenuitslag, vond hij zijn wiskunde-examen daarentegen een makkie. Dat woord is überhaupt nooit bij me opgekomen tijdens mijn wiskundemomenten op de middelbare school. Zelfs niet tijdens die zeldzame momenten dat zoiets als een kansberekening eens een keer geslaagd uitviel.

De wiskunde en ik zijn nooit een geslaagde combinatie geworden. Gelukkig had ik altijd leraren die meeleefden als mij weer eens een puzzelstuk ter oplossing werd aangeboden. Zozeer zelfs dat een wiskundeleraar voor mij ooit een poster maakte omdat hij net zo verheugd was als ik over mijn eerste behaalde voldoende.

Het was een de meest inspirerende leraren, dus dat hij les gaf in wiskunde was eigenlijk eeuwig zonde. Had hij les gegeven in Nederlands, dan had ik het misschien wel geschopt tot Nobelprijswinnaar in de Letteren. Om maar even aan te geven welke moeite de man nam om zijn leerlingen tot grote hoogten op te zwepen. Gelukkig is het lot van wiskundige mij gespaard gebleven.

Van zoiets als dit krijg ik nog steeds de zenuwen :

Terwijl dit  me juist nieuwsgierig maakt : 

“De beklagenswaardig reis van schrijvers bestaat eruit, dat ze hun angsten, na ze te hebben overwonnen, opnieuw moeten oproepen om er literatuur van te maken.“ 
(Schrijver Jeroen Brouwers)

Kijk, daar kun je tenminste iets mee. Stof tot schrijven biedt zoiets. Maar zelfs met de beste wil van de wereld zie ik me datzelfde niet doen met zo’n wiskundige formule.
Stel dat je het kreng na uren zwoegen eindelijk hebt opgelost? Wat doe je er dan mee ?
Of zou dat nou juist de charme van de exacte wetenschap zijn? Dat er dan bijvoorbeeld een wereld aan wiskundige mogelijkheden voor je open gaat na zo’n heuglijke uitkomst? 

Wat het ook is, het roept me tot op heden nog niet om het verder uit te zoeken.
Ik installeer me maar eens met een goed boek in de zon.
Ik heb tenslotte een vrije dag.

Wonderschoon Antwerpen

Apr 27

Het was last minute geboekt, dus voelde als een onverwacht cadeautje.
Het was het mooiste weer van de wereld.
Het was een heerlijke stad.
Het was meer dan gastvrije Bed & Breakfast.
Het was samen met het Vriendje.

Een Zalig Pasen. Dat was het.

Room with a view

Apr 05

Soms zijn er van die dagen dat het wakker worden niet direct wil lukken. Dat je warme bed je in een soort van houdgreep houdt zeg maar. De wekker hoor ik gelukkig nooit, om de doodsimpele reden dat het Vriendje altijd eerder wakker is. En die mij dan vervolgens zacht en zorgzaam uit mijn droom helpt.
Zodat we fris en fruitig aan de dag kunnen beginnen. (Jeh right!)

De dag met een dansje beginnen kan natuurlijk ook, maar dat lijkt me niks. Ik ben al blij als ik in slaapdronken toestand zonder kleerscheuren de douche heb bereikt.

Het echte wakker worden gebeurt meestal pas tijdens de ochtendwandeling met teckel Julius en Hond van stand H.B.
Dat wil zeggen : als we het hele begroetingsritueel hebben gehad dan.
“Ja, jij ook goedemorgen Julius.”
“Lekker ontbeten H.B. ?”
"..."
“Mooi zo.”
“Hup, riem om dan.”
“Julius, zit!”
“H.B. jij ook zitten.”
“Okay, alsjeblieft zitten dan.”
“Julius, niet zo springen, zo krijg ik die riem niet aan!”
Ik veeg en passant een natte neus van mijn wang.
“H.B. schei uit met rondjes draaien, want zo raakt alles in de knoop.”
Enz. enz.
Maar dit alles geheel en al in een vrolijke toestand, want niets beter voor een ochtendhumeur dan twee teckels die mee op pad mogen.

Vanochtend blijkt het nog knap fris te zijn ook buiten.
Lente-achtig voelt het niet echt zo om kwart voor zeven ’s ochtends.
Maar toch. Lekker is het wel.
De vogels fluiten. Het ruikt heerlijk fris.
Dus we zetten er flink de pas in met zijn drieën.

En dan opeens vlakbij de dijk : de mooiste zonsopgang die je ooit gezien hebt.
Dus wat denk je dan ? Shit. Camera vergeten.

Dus de teckels verzocht snel dat te doen wat teckels nu eenmaal buiten moeten doen en weer huiswaarts. Vanuit het raam boven toch nog mooi een klein staartje van die oranje lucht mee kunnen pakken.

Goedemorgen.

Haastige spoed

Apr 03

Soms weet je gewoon op een moment van nonchalance : hier ga ik een keer last van krijgen. En dan gebeurt dat dus ook.

Zo had ik een boodschappenmuntje dat losraakte van zijn hanger en verdween in de bodemloze diepte van mijn tas.
Ik weet : als ik dat muntje nu niet opspoor, dan kan ik hem straks op een cruciaal moment een keer niet vinden. Zeker niet als je nogal eens van tas wisselt.
Maar ik viste hem niet uit mijn tas.

Meestal ligt er voor zulke gevallen een 50 cent muntje in een vakje van mijn auto, maar die was na een boodschappensessie een keer in een broekzak beland en niet terug gelegd. Nalatigheid in het kwadraat dus eigenlijk.

En dan sta je dus 'n keer op een moment van haast - want supermarkt bijna gesloten - voor die rij met karretjes en wordt het schier onmogelijk om er eentje los te maken uit die lange sliert.
Want je weet : boodschappenmuntje spoorloos en back-up muntje idem dito.

Geen kleingeld in je portemonnee op zo'n moment (natuurlijk niet!), dus met een tientje in de hand en met gezwinde spoed - want je hebt tenslotte haast - naar het kassameisje.
Die zit zich stierlijk te vervelen, want bijna sluitingstijd, dus een uitgestorven winkel.

En dan kan die kassa-lade dus niet open. Want zolang er niet daadwerkelijk iets op de kassa wordt aangeslagen, blijft het ding hermetisch gesloten. Nee, ze kan me niet helpen door slechts een pakje kauwgom te verkopen zodat die la wel op kan en verwijst me door naar de servicebalie.

Het servicebaliemeisje begint aan de klus om mijn tientje te splitsen in een hoop kleingeld. Dat valt blijkbaar niet mee. En ik had nog steeds haast. Maar het servicebaliemeisje is uiterst behulpzaam, dus lach ik vriendelijk terug. Met een handvol kleingeld dat ik niet probeer te verliezen, spoed ik mij glijdend en glibberend – want bijna sluitingstijd dus er wordt gedweild – opnieuw naar de rij met boodschappenkarretjes.

Om aldaar aangekomen te constateren dat het voorste karretje in de rij helemaal niet staat vastgeketend aan zijn voorgangers. Hij staat wat apart van de rest van de karretjes, alsof hij het betreurt geen deel meer uit te maken van de chain gang.

Met dit karretje had mijn tocht door de supermarkt dus allang een afgesloten hoofdstuk kunnen zijn!
Meedogenloos schuif ik hem aan de kant.
Ik heb tenslotte niet voor niets al dat kleingeld gewisseld.

Bekokstoofd

Apr 03



Voor ondergetekende dan de versie zónder de geitenkaas en met sojamelk in het beslag.

Vorige stukjes

Taal is van ons allemaal. Om nog maar te zwijgen van ieder's eigen smaak en voorkeur wat taal betreft.

Wat maakt je een taalpurist ? Of puritein ?

Overal om ons heen zijn kleine taalgebeurtenissen. Het is vaak plezierig om die te signaleren. Erover schrijven is nóg veel leuker.

Andere kleine dingen die tussendoor gebeuren kunnen dan best fungeren als de spreekwoordelijke krenten in mijn pap.

Archief